Pannacotta met rabarber

Bekijk video

Panna cotta met rabarber

voor 4 personen:
3 blaadjes gelatine
½ vanillestokjes
200 ml slagroom
150 gram suiker
250 ml karnemelk
2 – 3 stengels rabarber
sap van 1 sinaasappel
desgewenst: een slok Cointreau of andere sinaasappellikeur
verder nodig: 4 timbaaltjes, puddingvormpjes of glaasjes

Snijd het vanillestokje open. Schenk de slagroom in een steelpan en breng de room, samen met het vanillestokje aan de kook. Zet het vuur uit en laat een kwartier rusten. Week de gelatine 5 minuten in een ruim koud water.

Los 50 gram van de suiker op in de nog warme room. Vis het vanillestokje op, schraap er met een scherp mesje de zaadjes uit en doe deze terug in de pan. Knijp de gelatine uit en laat ook deze al roerend oplossen in de room.

Meng de karnemelk door het slagroommengsel en verdeel deze vloeistof over de vormpjes. Dek af met vershoudfolie en zet de puddinkjes minimaal 4 uur in de koelkast om op te stijven.

Verwarm voor de rabarber de oven voor op 180 graden Celcius. Trek de stugste draden van de rabarber en snijd de stengels in flinke stukken. Verdeel deze over de bodem van een ovenschaal.

Bestrooi de rabarber met de rest van de suiker. Sprenkel er het sinaasappelsap en desgewenst ook de likeur over en laat de rabarber in een half uur zacht, maar niet té zacht worden in de oven.

Doop voor het serveren de puddingvormpjes even in heet water en keer ze om boven vier borden. Leg de (warme of koude) rabarber ernaast en lepel wat van de zoete rabarbersiroop over de panna cotta.